Moordzaak Heeg: verdachte legt bekennende verklaring af

LEEUWARDEN/JOURE

De 52-jarige Jouster die ervan wordt verdacht dat hij de 56-jarige boekhouder Hans Boschma uit Heeg om het leven heeft gebracht, heeft volgens officier van justitie Roelof de Graaf zeer onlangs een bekennende verklaring afgelegd. Dat maakte de officier woensdag bekend tijdens een zogeheten pro forma-behandeling van de zaak.

De Jouster heeft tot nog toe ontkend betrokken te zijn geweest bij de dood van Boschma. Op 9 juli kwam hij volgens De Graaf met een bekennende verklaring: de Jouster zou actief betrokken zijn geweest bij het om het leven brengen van het slachtoffer. Het zou echter gaan om een uit de hand gelopen zelfverdedigingsactie. Het onderzoek bevond zich volgens advocaat Peter Bonthuis een afrondende fase, toen zijn cliënt ineens met deze verklaring op de proppen kwam.

De politie is nog bezig de uitgebreide verklaring van de Jouster uit te werken. Door deze nieuwe ontwikkeling moest het onderzoek ook weer opgepakt worden. Op basis van de recente verklaringen moet er aanvullend onderzoek gedaan worden op de sporen die werden aangetroffen in de woning van het slachtoffer, op de hoek van de Molenfinne en de Reidfinne in Heeg. Daar werd op 6 februari het levenloze lichaam van Boschma gevonden.

Twee maanden later werden de Jouster en een 28-jarige Leeuwarder opgepakt. De Leeuwarder is inmiddels weer op vrije voeten, maar hij blijft volgens het Openbaar Ministerie wel nog steeds verdachte in de zaak. De Jouster blijft vastzitten, een verzoek van advocaat Bonthuis om de voorlopige hechtenis te schorsen zodat zijn cliënt de verkoop van zijn huis kan regelen, werd door de rechtbank afgewezen. Geld zou een motief kunnen zijn voor de moord.

Boschma beheerde de nalatenschap van de overleden vader van de Leeuwarder. Het slachtoffer en de vader van de Leeuwarder waren neven. De Jouster wordt moord in vereniging ten laste gelegd. Volgens de dagvaarding zou hij een strop bij het slachtoffer om de nek hebben gedaan en die hebben aangetrokken. De inhoudelijke behandeling van de zaak staat in principe gepland op dinsdag 16 oktober, 's ochtends om 9 uur. De officier hield nog wel een slag om de arm, omdat nog niet bekend is wat uit het aanvullend naar voren zal komen.


Auteur

Renze van der Sluis