Verklaring van geen bezwaar tegen zandwinning onterecht afgegeven

SNEEK - Natuurmonumenten heeft de Provincie per brief verziocht de verklaring van geen bezwaar tegen zandwinning bij Gaasterland in te trekken.

Vanwege de onvolkomenheden en de recente uitspraken van het Europese Hof heeft de Provincie voldoende grond om daartoe over te gaan. zegt natuurmonumenten.

De provincie bewaakt de natuur voor Friesland en het stuk IJsselmeer dat bij Friesland hoort. Op grond van de wet natuurbescherming moet de provincie toestemming geven voor plannen die het milieu mogelijk schade doen. Dat is het geval met de industriële zandwinningplannen in het IJsselmeer voor de kust van Gaasterland.

Het bedrijf levert een Milieu Effectrapportage (MER) en een Passende Beoordeling (PB) aan die door de Provincie worden getoetst. Op 11 september 2018 heeft de Provincie voor die plannen de Verklaring van geen bedenkingen (VVGB) afgegeven. Natuurmonumenten constateert dat de provincie die verklaring onterecht en veel te vroeg heeft afgegeven.

De MER is niet op de juiste wijze gecheckt en schade aan de natuur, met name op de watervogels, is niet uit te sluiten. Dit staat volgens Natuurmonumenten helder en duidelijk in een rapport van een onafhankelijke MER-deskundige, drs. J.M.M. Veeken. Er zijn dus zowel procedureel als inhoudelijk de nodige bedenkingen ten aanzien van de MER en de PB. In zo’n geval mogen de plannen volgens de Natuurwet niet doorgaan. Vandaar de conclusie van Natuurmonumenten dat de Provincie de verklaring onterecht heeft afgegeven.

Verder heeft de Gemeente het bestemmingsplan nog niet eens aangepast. En pas daarna is de vergunning voor zandwinning en daarmee de VGGB van de Provincie aan de orde. De verklaring is dus te vroeg afgegeven. Ondertussen heeft het Europese Hof de voorwaarden ten aanzien van vogelrichtlijngebieden aangescherpt. Het IJsselmeer is zo’n gebied. De verklaring zou nu gezien die uitspraken niet meer afgegeven kunnen zijn.