COLUMN | Leraar aan een LTS

Getrouwd in 1967, en bijna klaar met mijn studie voor leraar Bouwkunde NIII, moest ik nog 40 uren stagelessen geven aan een technische school. Ik moest opschieten, wilde ik in Leeuwarden de volgende studie beginnen voor architect. Daar ging de academie stoppen.

Toen ik stage liep aan de LTS in Drachten vroeg directeur ‘Henkie’, want zo noemden we hem, of ik wilde blijven. Wij thuis wikken en wegen… De academie werd dan niets. Ach, proberen dan maar. Het verdiende 100 gulden per maand meer. Het werd mijn 4e werkgever.

Ik kwam er direct achter dat een 13-, 14- of 15-jarig ventje niet op mijn wijsheden zat te wachten. Ik wist nog weinig van hoe je succesvol de jeugd meekreeg in een leerproces. Ik liet me overhalen door een vriend om ook met de studie MO-Pedagogiek te beginnen in Groningen. Pittig, maak het pakte me wel. Ik zoog de leerstof onderwijskunde, psychologie, sociologie, andragogie, didactiek en filosofie gretig op. Tja, statistiek en methodologie hoorden er bij voor het produceren van scripties. Cijfers, niemand leest ze.. Ik begon toen wél de didactische inzichten bij het lesgeven toe te passen.

Het was de tijd van de ‘Middenschool’ van professor van Gelder. Die wilde me als één van de kwartiermakers in het Technisch Onderwijs 1e fase gebruiken. De spagaat voor mij bleef. Ik was het maken van ingewikkelde bouwtekeningen gewend, nu moest ik de leerlingen een houten pen- en gatverbinding laten tekenen. Mijn hart lag toch meer bij de liefde voor het architectenvak en doceren op een niveau waar leerlingen echte interesse toonden. Die LTS-periode had natuurlijk leuke kanten.

Er was een progressieve stroming die vernieuwingen in het onderwijs toejuichten. Anderen zetten de hakken in het zand. ‘Henkie’ had de ballen verstand van onderwijs. Grote verhalen houden, dat kon hij in de lerarenvergaderingen, en als je bij hem binnenliep in zijn kamer; je kwam bespetterd van zijn speeksel weer op de gang, een zwetsverhaal rijker.

Eens circuleerde bij een cijfervergadering een briefje. Op de voorkant stond: ‘SLL z.o.z.’. Op de achterkant: stiekem laten lullen!! Henkie maar lullen, wij besmuikt lachen. Hij maakte eens het lesrooster. Allemaal vakjes op een vel papier. Met wel 40(?) verschillende kleuren. Een kunstwerk wat onbruikbaar bleek. Iedereen stond na de vakantie op een verkeerd uur en verkeerde plek voor een leslokaal. De ‘kunstenmaker’ werd bedankt. Er waren een paar doorknede collega’s die Henkie onverholen uitkafferden als hij weer eens domme dingen deed.

Er gonsde een mooi verhaal rond, hoe hij directeur was geworden. Bij de sollicitatie vroeg het bestuur naar zijn diploma ‘opleiding godsdienstige vorming schoolleider’. Dat had hij zelf genoemd in zijn curriculum. Dat diploma kon hij niet tonen. Henkie zei tegen de commissie: ‘Examen doen voor zoiets? Nee, daar is de opleiding mij te heilig voor.’ Iemand wist dat hij gezakt was. Zijn antwoord scoorde bij de ‘broeders’.

Voor mij was het een zegen toen ik aan de MTS in Sneek als Bouwkundeleraar werd benoemd in 1971. Bij die school aan het Perk lag een prachtige uitdaging. Pionieren. Ik schrijf er nog over.

Joute de Graaf.