Jan Vlap wil vooral lekker genieten bij ONS

SNEEK Jan Vlap keerde afgelopen zomer terug bij ONS Sneek, de club waarmee hij eerder mooie successen vierde. Dit seizoen wil dat nog niet echt lukken bij de ploeg die vrijwillig de derde divisie verruilde voor de hoofdklasse. ,,Maar het is prachtig om weer bij deze club te werken.”

ONS zette na het door de coronacrisis afgebroken seizoen vrijwillig een stap terug naar de hoofdklasse. In de derde divisie stond de ploeg, toen nog getraind door Paul Raveneau, het hele seizoen onderin en degradatie leek onafwendbaar. Maar tot ieders verrassing besloot de KNVB de competitie als niet gespeeld te beschouwen, waardoor de Snekers derdedivisionist zouden blijven. Maar de club besloot vrijwillig toch de stap omlaag te maken en Vlap, die in januari tekende als trainer/coach, vond dat een verstandig besluit.

,,Als je kijkt naar het team dat ONS afgelopen seizoen had en wat er nu staat, dan is de hoofdklasse een prima podium om weer te bouwen aan een mooi elftal. De hoofdklasse is ook een enorm sterke klasse, dat heb ik in het verleden ook als trainer gemerkt, bijvoorbeeld bij Staphorst. Dus ik heb ook direct gezegd dat we niet met twee vingers in de neus onze punten gaan pakken.”

Dat is inmiddels gebleken, want ONS staat na drie wedstrijden nog met lege handen. ,,Tegen Berkum verloren we met 5-1 en waren we 45 minuten goed. Een week later speelden we bij Buitenpost, verloren we met 2-0 en was het 60 minuten goed en hadden we ook echt kansen op een resultaat. En afgelopen zaterdag hebben we het 80 minuten volgehouden tegen Swift, maar glipt het puntje ons alsnog door de vingers. Dat is zonde, want die beloning van een goed resultaat verdienen de jongens inmiddels wel.”

Toch schrok Vlap wel enigszins toen hij aan de voorbereiding van dit seizoen begon. ,,Conditioneel hadden we een achterstand, dat was al snel duidelijk. Een aantal spelers heeft vanaf maart te weinig kunnen doen. Bij onze eerste oefenwedstrijd, tegen Zeerobben, had ik maar 12 veldspelers die fit genoeg waren. De wedstrijd daarna tegen Flevo Boys waren het er 14, maar wel dankzij een paar spelers van het Onder 21-elftal. Dat is natuurlijk niet ideaal als je moet bouwen aan een nieuw team.”

Er is een groot verschil ook met de periode 2010-2013, toen Vlap ook de scepter zwaaide op het Zuidersportpark en in zijn laatste jaar kampioen werd in de hoofdklasse en promoveerde naar de toenmalige topklasse, het landelijk hoogste amateurniveau. ,,Toen had ik een kern met jongens van 27 of 28 jaar. Sandor van der Heide, Kerst Hofma, Chris en Leo de Wagt, Arnold Herder; allemaal jongens ook met ervaring in het betaalde voetbal. Nu is Wesley Tankink mijn meest ervaren man, met 26 jaar, en dan komt Justin van der Dam, onze keeper van 24 jaar. Voor de rest zit het allemaal rond de 20 jaar.”

Het geeft een ander soort dynamiek in de kleedkamer en op het veld weet Vlap. ,,En het betekent ook dat het niveau van voetballen van week tot week, en zelfs per half uur in een wedstrijd, kan variëren.”

Dat alles is wel een uitdaging die Vlap aanspreekt. ,,Ik zie ook dat de jongens iedere training en wedstrijd hun stinkende best doen. Daarom was een puntje tegen Swift ook mooi geweest. Maar we gaan gewoon door.”

Jan Vlap is inmiddels 53 jaar en grootvader van een kleindochter van een half jaar. Daar geniet hij samen met zijn echtgenote Tineke volop van, zoals hij ook veel plezier haalt uit de prestaties van zoon Michel bij de Belgische topclub Anderlecht (de aanvaller werd onlangs wel positief getest op Covid-19, ging tien dagen in thuisquarantaine, maar heeft verder geen klachten en mag deze week het trainingsveld weer op).

,,Ik ben wel veranderd ten opzichte van vroeger”, stelt Vlap. ,,Zeker als trainer. In het verleden kon ik zeker drie nachten niet slapen na een nederlaag. Dan bleef er maar van alles malen door mijn hoofd. Op een gegeven moment had ik van de spanning en stress zelfs vlekken over mijn hele lichaam en ook wat hartproblemen.”

,,Nu zet ik dingen makkelijker van me af. En ik heb ook met mezelf, en Tineke, afgesproken dat ik het niet weer zo ver laat komen. Ik laat me nooit meer door een vijfde colonne binnen een club druk opleggen.”

Want het trainersvak is veel te leuk oordeelt Vlap, die in 1998 voor het eerste zelfstandig trainer was bij Lemmer. ,,Verlies je wat vaker, dan is het natuurlijk minder leuk. Maar plezier halen uit voetbal zit niet alleen maar in winnen, zo is het ook. Werk je met een fijne groep, maar zijn de resultaten wat minder, dan hoeft dat niet per se erg te zijn.”

Dat ervaart hij momenteel bij ONS. Waterpoort Boys zit diep in het hart van Vlap, die er nog altijd speelt in een 45+-elftal, maar ONS heeft na al die jaren dat hij er komt ook zeker een plekje gekregen. ,,De herkenbaarheid bij ONS is zo groot. Het is gemoedelijk, een familiegevoel.” Bij het eerste elftal mag er dan regelmatig wat veranderen qua samenstelling, daar omheen blijft veel hetzelfde merkt Vlap. ,,Ik kom nog steeds dezelfde vrijwilligers tegen als 10 jaar geleden. Dat vind ik mooi.”

Vlap voelt geen enkele druk van bovenaf of vanuit de supporters. ,,De club is ook heel duidelijk geweest naar de achterban. Er is niemand die gekke dingen heeft geroepen over binnen zoveel jaar terugkeren naar de derde divsie. Dat is prettig. Zoals ONS sowieso een fijne club is om te werken als trainer. Het is lang geleden dat er bij ONS voortijdig afscheid is genomen van een trainer omdat de prestaties tegenvielen. Je hebt hier alle vrijheid om je eigen ding te doen en rond de A-selectie heeft de vereniging het ook geweldig voor elkaar.”

En de derde divisie is ook niet heilig stelt Vlap nog vast. ,,Misschien is het wel de minst aantrekkelijke van de drie hoogste amateurklassen. Je hebt wel verre uitwedstrijden, maar je speelt niet tegen grote clubs als HHC, Quick Boys, Katwijk, IJsselmeervogels of Spakenburg. In de hoofdklasse treffen we bijvoorbeeld Buitenpost, Flevo Boys en SC Genemuiden. Dat is ook geweldig aantrekkelijk en voor de spelersgroep ook leerzaam omdat daar nog iets anders bij komt kijken dan alleen maar lekker voetballen.”

Hoewel de positie op de ranglijst dus beter had gemogen, geniet Vlap met volle teugen van zijn terugkeer. ,,Je stinkende best doen samen en lekker voetballen is het mooiste wat er is. We gaan de club weer de positieve uitstraling geven die bij ONS hoort.”

Niels van Marle.