COLUMN | Sociale armoede

,,U mag morgen weer fijn naar huis mevrouw. Uw operatie is geslaagd en de heup herstelt goed”, zegt de chirurg enthousiast tegen mevrouw De Boer. Zij denkt er het hare van. ,,Hoezo fijn naar huis. Wie doet dan de boodschappen en maakt mijn huis schoon? Hoe kom ik de trap op naar mijn slaapkamer”? Vragen ploppen op en spoken door het hoofd van de alleenstaande vrouw, die nog maar kort in het dorp woont. Bij het lezen van de Mantelzorg infokrant, die onlangs bij alle inwoners van Súdwest-Fryslân op de deurmat viel, moest ik terugdenken aan de situatie van mevrouw De Boer.

Vijf miljoen Nederlanders van 16 jaar en ouder zijn actief als mantelzorger. De aard van hun werkzaamheden verschilt sterk. Zo haalt de één wekelijks boodschappen voor een buurman, terwijl een ander zeven dagen per week een partner met dementie verzorgt. Informele en onbetaalde hulp door naasten en vrienden is de meest omvangrijke bron van ondersteuning.

Zonder mantelzorgers zou de zorg in Nederland werkelijk onbetaalbaar worden. Het sociaal kapitaal waar mensen uit kunnen putten is echter ongelijk verdeeld. Het Sociaal Cultureel Planbureau heeft geconstateerd dat een miljoen volwassen Nederlanders zelfs helemaal geen beroep kan doen op mantelzorgers. Zulke mensen, zoals mevrouw De Boer, hebben geen sociaal netwerk om op terug te vallen. In Súdwest-Fryslân gaat het naar schatting om enkele duizenden inwoners. Zij ontberen een vangnet en verkeren, als het erop aankomt, in sociale armoede.

In de infokrant wordt een zogenoemde ‘Zorgladder Mantelzorg’ uitgebreid toegelicht. Het is een hulpmiddel om stapsgewijs uit te zoeken waar iemand terecht kan voor hulp en ondersteuning. Er wordt gesuggereerd dat vrijwilligers of buurtgenoten iets kunnen betekenen als eigen mantelzorgers ontbreken. Een goede suggestie, maar een verwijzing alleen volstaat niet. Want ook hier geldt het gezegde: ‘van een kale sociale kip valt niks te plukken’. Mantelzorg is niet voor iedereen vanzelfsprekend beschikbaar. Er zullen daadwerkelijk nieuwe bronnen van sociale ondersteuning moeten worden aangeboord, zodat er voor iedereen – als dit nodig is - een warme mantel aan de sociale kapstok hangt. Het voortvarend aanpakken van sociale armoede is van groot belang. Wellicht kan de lokale werkgroep Mantelzorg het voortouw nemen bij het opzetten van alternatieve sociale netwerken?

Harrie Dijkstra.

Ps. Mevrouw De Boer kreeg hulp van dorpsgenoten via een oproep op een dorpsapp. De maatschappelijk werkster van het ziekenhuis had haar daarbij geholpen.