Circusdirecteur blij met hulp van scheepsmaatjes

WOUDSEND - Circusdirecteur Yancka riep zaterdag in paniek de hulp van de scheepsmaatjes op de jaarlijkse scheepsmaatjesdag in Woudsend. Om haar kwijtgeraakte circusdieren terug te vinden, zocht ze mensen die goed konden ruiken, zien, luisteren en voelen. Al gauw bleek: ‘IEDEREEN KAN WAT’ en iedereen ging in een groep op weg met de opdracht om per groep één dier te zoeken.

De scheepsmaatjesdag vindt elke 1 ½ jaar plaats in een andere parochie in Zuidwest Friesland en is bedoeld voor mensen met een verstandelijke beperking (scheepsmaatjes) die samen met een medeparochiaan (maatje) een feestelijke dag wordt aangeboden. De maatjes zijn belangrijke contactpersonen voor de scheepsmaatjes en zoeken hen door het jaar zo nu en dan op of ondernemen iets samen met hen, bijvoorbeeld wandelen, een uitstapje of samen koffie drinken.

Gelukkig waren er pootafdrukken te vinden die Woudsend doorkruisten naar verschillende richtingen; naar de haven, brandweerkazerne, enzovoort. Zo werden er 6 dieren gevonden die daar erg blij om waren en zij nodigden de scheepsmaatjes van elke groep uit om samen een circusact in te studeren. Na het oefenen regelde de opgeluchte circusdirecteur dat er uitbundig feest gevierd met troubadour Jan Nota. Vervolgens werd er gesmuld van een feestmaal met patat, hamburgers en ijs.

Intussen had kindercircus Saranti uit Leeuwarden een heus circus opgebouwd in de sporthal, waar iedereen na het eten mocht plaats nemen op de tribune. Circusdirecteur Yancka kondigde de artiesten aan: 15 kinderen die de handen van het publiek veelvuldig lieten applaudisseren voor zoveel talent.

En toen was het de beurt aan de dieren met de scheepsmaatjes: van de stokpaardjesparade met de vogel tot hoepelact met de leeuw, van de sterke mannen met het knobbelzwijn tot de slalom met de zebra; alles werd met veel overtuiging gebracht voor het publiek. Ook de stokkendans met de gazelle en de clownact met het stokstaartje werd met applaus gewaardeerd.

De circuskinderen sloten met onder andere éénwielers over een wip en touwspringen op een bal en nog vele acrobatische acts de voorstelling af.

Daarna werd het tijd om samen met elkaar in de slotviering te zingen, te lezen en te bidden. Voorganger was pastor Hoogma die nog eens benadrukte dat hij het gezien had: ‘IEDEREEN KAN WAT’ En ook dat we blij zijn met al die talenten die we van God hebben gekregen. Koor ‘Om ‘e nocht’ zong: “En dat talent dat neem je mee, daar doe je heel je leven mee”