'Laten we beetje lief zijn voor elkaar’

SNEEK Willy Boomsma wist het niet meer, hoe vaak ze nu Nederlands kampioen was geworden. Haar levens- en zeilpartner Thijs Kort hoefde er niet lang over na te denken. ,,26 keer’’, zei hij nadat op de Snitser Mar opnieuw de nationale titel in de 16m2 was veroverd.

Die blauwe plekken, achter op Willy Boomsma’s bovenbenen, die maakten zondag net zoveel indruk als de wijze waarop zij en haar partner Thijs Kort (42) de voorbije dagen op de Snitser Mar met overmacht de Nederlandse titel in 16m2 hadden gewonnen. ,,Het lijkt wel mishandeling’’, grapte een collega-deelnemer.

Boomsma (41) moest daar naderhand om lachen. ,,Ik zit op een plek in de boot waar de katrol met klem ook zit. Maar mijn billen moeten ook een plek hebben. Het is onhandig, maar ik moet toch ergens zitten. Dat verklaart dus al die blauwe plekken. Ik dacht nog, zal ik een lange broek aandoen voor de prijsuitreiking? Maar ach, ik loop er ’s zomers altijd zo bij. Onze boot is gewoon een oorlogszone. We hebben er weer hard voor moeten werken.’’

Het Drachtster duo - al 22 jaar samen - hoefde overigens niet meer in actie te komen op de slotdag van het NK 16m2. De wind was zoek op de Snitser Mar, nadat het de eerste dagen ook vaak ‘dwarrelweer’ was geweest, aldus Boomsma. Het maakte het eindklassement niet minder indrukwekkend. Het verschil tussen Kort/Boomsma en de nummers twee Wouter van Catz en Rosanna Malschaert (Gouda) was liefst 34 punten.

,,Ik denk niet dat iemand hoeft te twijfelen aan de eerlijkheid van deze uitslag’’, zei Reinout Klapwijk, voorzitter van de Nederlandse 16m2 klassenorganisatie. Hij benadrukte dat omdat er bij hem geruchten ter ore waren gekomen dat er gesjoemeld was aan de boten. ,,Alle boten zijn gecontroleerd’’, aldus Klapwijk. ,,En bovendien bewijzen Thijs en Willy al jaren goede zeilers te zijn. Niet alleen in de 16m2, maar ook in tal van andere klassen. Dit NK was weer een kwestie van wie maakt de minste fouten. Dus mijn boodschap aan de rest: steek de hand in eigen boezem en ga er aan werken.’’

Jan Andringa, die met zijn dochter Isabel negentiende werd in eindrangschikking, kon alleen maar een diepe buiging maken voor het Drachtster koppel. ,,Ze zijn zo goed, elke keer weer’’, aldus de Jouster. ,,Hoe dat kan? Ze doen er nog steeds alles voor. Alles staat bij hen in het teken van zeilen. En van winnen. Vrijdagavond bijvoorbeeld was hier een feestje van de 16m2-zeilers. Wij zaten aan het bier, zij aan het water. Zij gaan vroeg naar bed, wij pas veel later. Op het water zelf doen ze niets fout. Ze nemen nooit risico. En dat betaalt zich uit. Ze verliezen weleens een plekje, maar worden nooit laatste. Dat is talent, dat kan niet anders.’’

Thijs Kort: ,,Dat hoor ik weleens vaker, maar zo zien wij het niet. Wij houden gewoon niet van bier. En tot twee uur ’s nachts feesten, dat is niets voor ons. We proberen er gewoon het maximale uit te halen. Elke wedstrijd weer. Ik heb geleerd een klassement te zeilen. Dat ene plekje verschil, kan uiteindelijk de doorslag geven. Ik heb ook weleens bijna m’n kop laten hangen, maar dan gebeurt er iets onverwacht, de wind kan zomaar draaien, en dan is de situatie plots anders. Gefocust blijven, daar gaat het om. Ook als het even minder gaat.’’

In haar dankwoord had Willy Boomsma mooie woorden voor iedereen die bij het NK was betrokken. ,,Soms lijkt het of het alleen maar om winnen gaat. Het gaat om veel meer. Sommigen hadden hier graag bij willen zijn, maar door ziekte of wat dan ook lukte dat niet. Wie er wel kon zijn, dat is alleen maar prachtig. Laten we een beetje lief zijn voor elkaar, morgen begint het gewone leven weer. Richt dat waardevol in.’’

Hoe Thijs Kort en Willy Boomsma hun 26ste nationale titel gisteravond vierden? ,,Gewoon, thuis in de achtertuin. We gaan zo naar huis, het is nog drie uur varen naar Drachten. En dan zullen we nog eens terugdenken aan dit NK, dat er geen slechte wedstrijd tussen zat. Dat geeft een goed gevoel, daar zijn we trots op.’’

Willy Boomsma: ,,Ik vind het nog steeds leuk om samen te zeilen. Dat verveelt nooit. Ik hou van Thijs. Of we nog een keertje gaan trouwen? Hij vraagt me nooit, daar wacht ik nog steeds op.’’

Tekst: Renze Lolkema